as you like it


HOME


Informatie over de opera:

DE NIEUWE KLEREN VAN DE KEIZER
    
Tekst:   Aris Bremer

 

       Synopsis:



Het jaar van officiële rouw is al enkele maanden voorbij maar Keizer Eugenius mist zijn geliefde Melodia nog zeer. Alles, waar hij vroeger samen met haar vreugde aan beleefde, maakt hem nu triest. De hovelingen en het paleispersoneel doen hun uiterste best hem te behagen, maar de vorst wordt al humeuriger. Om die schrijnende leegte van binnen toch nog te verhullen wenst de Keizer, ijdel als hij is, zijn buitenkant alle dagen te bekleden met de meest extreme gewaden.

Omdat het huwelijk kinderloos was gebleven bepalen de rijksregels dat Eugenius dient te hertrouwen. Er zijn contacten met het Koningshuis van Nabuurland over een mogelijk huwelijk met Prinses Harmonia. Haar ouders en zij zullen eregasten zijn op de jaarlijkse Keizerlijke Parade, dan zal er wellicht tot een huwelijk besloten worden. Tegen deze trouwplannen intrigeert in het geniep Prinses Dissonante, nicht van Eugenius. Zij ambieert zelf de troon.

De jonge Harmonia wil over een huwelijk echter zelf beslissen en gaat incognito aan het Keizerlijk Hof werken, als de kleedster Harmke. De dag dat Harmonia aan het Hof arriveert zal aan de Keizer het ontwerp voor zijn Nieuwe Kleren voor de Grote Parade gepresenteerd worden. Bij dit evenement dienen die gewaden uitdrukking te geven van zijn glorie als machtig vorst. Het ontwerp moet volstrekt nieuw zijn, in kleur en vorm nog ongezien.

Het keuken- en kledingpersoneel onder het toeziend oog van de Opperkamerheer Garderius is druk bezig om Eugenius na zijn ontwaken te gerieven met een gloednieuw ochtendkostuum en een exorbitant ontbijt. De Keizer treurt echter in het uiterst opzichtig pak. Alleen het zien van de mooie nieuwe kleedster Harmke fleurt hem op.

Het glorierijk ontbijt van opperkok Tagliatello verrast hem niet. Al die heerlijkheden at hij vroeger met Melodia, alles wordt nu teruggestuurd naar de keuken. Hiervan is Dissonante getuige en zij bewerkt hem op geraffineerde manier. Hij moet volgens haar leren Melodia geheel los te laten door zich uitsluitend te richten op de toekomst. Niet het oubollige verleden is van belang, maar de status van het Keizerrijk is gebaat bij totale vernieuwing op alle gebied.

Het ontwerp van Picobella is werkelijk prachtig, ook Harmonia is onder de indruk. Eugenius lijkt het kostuum eerst ook te waarderen, maar nicht Dissonante kraakt het ontwerp volledig af als oubollig en totaal afgedaan. Al gauw krijgt ze Eugenius mee en de kruiperige Garderius gaat van de weeromstuit mee in de felle kritiek. Harmonia probeert er voorzichtig nog wat tegenin te brengen maar naar een kleedster wordt niet geluisterd. Picobella wil graag nog een nieuw ontwerp maken, maar dit voorstel wordt van de hand gewezen. Maar hoe komt Eugenius dan aan die “Nieuwe Kleren”?

Dissonante weet een oplossing, zij heeft twee experts ontboden die een unieke uitvinding hebben gedaan, een stof die niet te vergelijken is met ook maar iets wat al bestaat. De heren Pling en Plong staan al gereed om de Keizer over hun vinding in te lichten. Zij overdonderen de Keizer met een vloed van vreemde begrippen en uitdrukkingen om te verklaren hoe volslagen vernieuwend hun idee is. De meest opmerkelijke eigenschap van de stof is dat deze niet waar te nemen is door mensen die ouderwets zijn. Bekrompen personen met een oubollige smaak kunnen het tot nu toe ongeziene niet zien!

Harmonia probeert Eugenius ervan te weerhouden deze gebakken lucht aan te kopen, maar hoe aardig hij haar ook vindt, hij luistert liever naar de holle woorden die hem Nieuwe Kleren beloven die wereldnieuws zullen zijn. Pling en Plong krijgen opdracht, ondanks de extreem hoge kosten, deze stof te weven en daaruit de Nieuwe Kleren te maken. Dissonante lacht in haar vuistje, wetend dat haar neef zich belachelijk gaat maken. Hij zal niet voor ouderwets en bekrompen versleten willen worden.

Een concert ter ere van de keizer kent een uiteenlopend programma. Een zeer “vernieuwende” compositie wordt door Dissonante geestdriftig bejubeld, het daarop volgend optreden van een groep straatmuzikanten wordt weggehoond.

In de keuken laten die muzikanten zich verwennen met wat van de Keizerlijke tafel werd teruggestuurd. Samen met het paleispersoneel wordt er gegeten, gedronken, gezongen en geroddeld over het vreemde gedrag van de eens zo geliefde Eugenius. Harmonia neemt het nog voor hem op, zij heeft gezien hoezeer het gemis van Melodia de Keizer hem onzeker en kwetsbaar maakt. Maar zij moet ook terug naar Nabuurland om op tijd terug te kunnen komen als Prinses en gaste bij de Parade.

Pling en Plong hebben zich ondertussen afgezonderd en doen alsof zij dag en nacht hard aan het werk zijn. Behalve Dissonante, die de oplichters heeft ingehuurd, durft niemand te komen kijken. Iedereen is bang door de mand te vallen als bekrompen ouderwets persoon. Maar Eugenius wil langzamerhand wel weten of de Nieuwe Kleren op tijd klaar zullen zijn en stuurt Garderius om polshoogte te nemen. Met veel vertoon wordt hem een stuk geweven stof gepresenteerd. De Opperkamerheer ziet niets op het weefgetouw maar durft daar niet voor uit te komen. Hetzelfde overkomt Eugenius en beiden juichen dat het getoonde verbluffend mooi is. Dissonante ziet tevreden haar plan lukken.

Precies op de Dag van de Grote Parade zijn de Nieuwe Kleren gereed en worden die aan Eugenius gepresenteerd. Ook nu ziet niemand iets maar wordt er juichend gereageerd op het getoonde. Ieder klapt zich de handen stuk De Keizer wordt gewassen, geschoren, gekapt en hem worden de Nieuwe Kleren aangedaan.

Daar schrijdt de Keizer, gevolgd door de hovelingen, door de versierde straten van de stad op weg naar de eretribune, waar de hoge gasten, waaronder Harmonia, zich hebben verzameld. Het waarderend gemompel van de kijkers groeit uit tot een enthousiast roepen. Niemand wil de buurman zijn “bekrompenheid” tonen. Liever troeft men die af met een deskundig positief commentaar.

Eugenius nadert de tribune, trots als een pauw, maar met een vreemd besef van zijn eigen domheid. Hij hoopt nu maar dat zijn toekomstige bruid niet dom is, anders ziet zij hem zoals hij zichzelf ziet: een wat buikige man van middelbare leeftijd in onderbroek.

Dan klinkt boven alles uit de schelle stem van een straatjongen: “Oh! Kijk nou! De Keizer loopt in zijn hemd!” Dan wordt het stil, doodstil. Het volk realiseert zich nu wat een en ander gekost heeft en roept nu op hoge toon om een andere keizer. De hovelingen staren naar de lucht alsof ze er eigenlijk niet bijhoren. De Hoge Gasten voelen zich beledigd. Dissonante ziet haar troonkansen stijgen en Garderius krijgt een verlossende appelflauwte. Eugenius staat daar moederziel alleen.

Harmonia op de eretribune knoopt haar eenvoudige witte mantel los, gaat naar Eugenius en doet hem die om. Hij kijkt haar aan, herkent haar en schaamt zich.

Opgestookt door Dissonante dreigt het volk in opstand te komen, maar Harmonia weet hen te wijzen op hun eigen juichend enthousiasme kort daarvoor. Ze legt uit dat de leegte na het verlies van Melodia hem gebracht had tot extreme ijdelheid en vertelt wat in hem haar toch aantrekt. De puurheid van haar woorden doen de verontwaardiging omslaan in bevrijdend begrip, vooral als Eugenius Harmonia zijn liefde verklaart..

De volgende Grote Parade, zegt Eugenius, zal er een zijn ter ere van hun bruiloft. Dan zullen niet allen bruid en bruidegom te zien zijn in Nieuwe Kleren. Heel het volk zal in het nieuw dit feest gaan vieren.

©As You Like It